Voorbeelden van het gebruik van Bijgepraat in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Maar je bent nog niet bijgepraat. Echt?
Goed, lekker bijgepraat. Overwogen. Nee.
Goed, lekker bijgepraat. Overwogen. Nee.
Genoeg bijgepraat.
Bijgepraat. Ik weet het niet.
Mevrouw de president, Hastings van CTU heeft ons bijgepraat.
Ik moet worden bijgepraat.
Goed, lekker bijgepraat. Overwogen. Nee.
We hebben niet bijgepraat.
Bijgepraat met Cam een tikkeltje laat,
Volgens mij zijn jullie nu weer aardig bijgepraat;
De kinderen hebben heerlijk samen gespeeld en de ouders met elkaar bijgepraat.
Mayfair heeft me bijgepraat.
Ik ben hier om bijgepraat te worden, niet om orders te krijgen.
Bijgepraat. Ik weet het niet.
Overwogen. Ok, lekker bijgepraat. Nee.
Overwogen. Ok, lekker bijgepraat. Nee.
Hebben jullie twee wat bijgepraat?
Ik heb haar bijgepraat over de situatie.
Ben je bijgepraat over Bankside?