Voorbeelden van het gebruik van Binnenkort in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Binnenkort ben je kapot genoeg voor haar.
Het is binnenkort moeders verjaardag.
Binnenkort je nieuwe papa. Misschien ben ik.
Maar binnenkort bereiken we Beta Agni.
Dat land zal binnenkort veel geld opleveren.
Binnenkort zijn we allen samen.
Ze hebben binnenkort een pitch bij AFG Labs.
Binnenkort ligt Lance Robinson op mijn tafel.
Ik zal binnenkort in Phoenix zijn.
Binnenkort'. Zeker niet'nooit'. Wat dan?
Ik zie je binnenkort, grote jongen.
Ik heb binnenkort vakantie. Trouwens.
Binnenkort zien we de Grote Muur van China.
Ik hoop dat het hier binnenkort zal zijn.
Lijkt erop dat ik binnenkort toch weer kan gaan dutten.
Je krijgt binnenkort instructies. En nu?
Je bent binnenkort jarig, Nadine.
Ja. Binnenkort in Koeweit, bij mijn tante.
We kunnen verwachten dat de drones van Mantrid het binnenkort zullen verslinden.
Dat land zal binnenkort veel geld opleveren.