Voorbeelden van het gebruik van De bezorger in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik was niet thuis toen de bezorger langskwam, wat nu?
De bezorger heeft gelogen.
Jij en de bezorger lijken elkaar goed te kennen.
De bezorger herkende Patrick omdat hij degene was die betaalde.
Het kan zijn dat de bezorger je bestelling bij de buren heeft afgegeven.
Wat als ik niet aanwezig ben als de bezorger arriveert?
We coordineren met de bezorger tot bezorging aan de eindklant.
Beschadigde verpakkingen moeten direct gedocumenteerd worden in het bijzijn van de bezorger.
De bezorger zal net zo zorgvuldig met jouw gegevens omgaan als wij doen.
De bezorger heeft dit pakketje vorig jaar opgehaald.
De bezorger laat dan(vrijwel altijd)
De bezorger was vooraan. Hey.
De bezorger. Ik wist het.
De bezorger laat beide keren een briefje achter in de bus.
Sorry. Dat is Jeff, de bezorger.
De bezorger zei dat het op de set was achtergelaten.
dus hebben wij de bezorger betaald.
De bezorger zal deze bij u persoonlijk aanbieden aan de deur.
De bezorger van de kruidenier.
De bezorger had het zeker laten vallen.