Voorbeelden van het gebruik van De weekends in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
In de weekends.
Ln de weekends doen we dingen.
In de weekends, daar is pap.
Je kunt de weekends komen.
Zo ook in de weekends van oktober t/m maart.
Verblijf hij de weekends niet bij jou?
Kom je de weekends thuis?
Alle avonden, de meeste weekends en waarvoor?
Waarom moet ik de weekends naar hun?
De weekends…- Ja.
Deed Will de weekends?
Want jij hebt de weekends en woensdagen.
Alleen nog de weekends.- Yep.
Ik heb de weekends vrij.
Ze is hier zelfs in de weekends.
vermijd je best de weekends.
Er is ook een hele goeie deal:-50% op het ontbijt in de weekends.
Kepish draagt die in de weekends.
En wij komen in de weekends.
Vooral in de weekends.