Voorbeelden van het gebruik van Een architect in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Geleend van een vriend, een architect die de stad uit is.
Omdat ik een architect moet worden.
Veelal in samenwerking met een architect wordt de ruimte ontworpen en gebouwd.
En je vraagt ook een architect, en een aannemer.
Ik zoek nog een architect. We moeten 's praten.
Ik wilde een architect worden.
Een architect.
Hij was een architect, een soort hoge beambte.
Is hij een architect?
Een architect, meneer.
Een architect, Omar Sadki.
Een architect moet ernaar kijken.
Hij is een architect. Hij ontwerpt de nieuwe symfoniezaal.
Ben jij een architect of zo?
Een architect, Omar Sadiki.
Hij is een architect die prijzen gewonnen heeft.
We moeten een architect zien te vinden.
Hij is een architect. Ongeveer twee blokken, meneer.
Ik ben een architect, dus….