Voorbeelden van het gebruik van Festival in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
kamperen of festival.
Hij moet vanavond werken op het Fairway Festival.
Ik ben het gezicht van dit festival.
Het lijkt wel alsof er elke week zo'n stom Vuurgloed Festival is.
Het wordt het grootste Corn Festival ooit.
Een jaar voor elke dag na het festival.
In augustus 2009 speelde de band op het Reading/Leeds Festival.
Ons laatste festival samen.
We kondigen de verkoop aan na het World Unity Festival.
Geen Avilo, geen Martin Garrix en geen festival.
Beide landen zouden in 2007 apart deelnemen aan het festival.
Ik ontmoette haar na het festival.
Ze traden op op Parkpop en op het Lowlands Festival.
Zaterdag is het Broccoli City Festival.
Misschien kunnen we een concert of festival organiseren.
In de zomer speelde de band een Britse concertreeks en het Glastonbury Festival.
Hij moet vanavond werken op het Fairway Festival.
En hashtag het festival.
Ze speelden op verschillende festivals waaronder Nadrin Festival en Rock Affligem.
Ja, we gaan jagen na het festival.