Voorbeelden van het gebruik van Gaar in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ongeveer 15 minuten zachtjes koken tot de aardappelblokjes gaar zijn.
De rapen zijn gaar.
Ze zijn nog niet gaar.
Gaar de drumsticks op een indirect vuur, ongeveer een uur lang.
Geen gaar verliezen, klaar om te eten.
De kip gaar, wat olie op de groenten
kook tot de groenten gaar zijn.
Herhaal dit tot de rijst gaar is.
Hij is al gaar.
Rapen zijn gaar.
Gaar de vis tot deze volledig ondoorzichtig is geworden en het vlees gaat schilferen.
Vis is snel gaar en kan gemakkelijk met de andere ingrediënten gepureerd worden.
We zijn gaar nu!
Is de steak te gaar voor jou?
Verder laten garen tot de groenten net gaar zijn.
S avonds bij terugkomst was het eten warm en gaar.
Het is niet gaar genoeg.
Die biefstuk is niet gaar.
Gaar de niertjes ongeveer 10 minuten in de bouillon.
Er staat gaar in 12 minuten', maar het is 15.