Voorbeelden van het gebruik van Geef het terug in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Wie ben jij, bitch?- Geef het terug.
Wees een braaf meisje. Geef het terug.
Nee, ze zei: Geef het terug.
Nee, ze zei: Geef het terug.
Oké, ik weet genoeg.- Geef het terug!
Geef het terug! Geef het terug!
Ik geef het terug aan ze.
Geef het terug.
Geef het terug.
Ik geef het terug aan Charlie.
Geef het terug.
Ik geef het terug aan u.
Ik geef het terug.
Ik geef het terug wegens ongewenst.
Geef het terug en ik laat je gaan.
Geef het terug aan hem.
Geef het terug aan hem. En vertel dat de klus is mislukt.
Geef het terug!