Voorbeelden van het gebruik van Hater in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Voorwaar, jouw hater, hij is het die afgesneden is.
Voorwaar, jouw hater, hij is het die afgesneden is.
Met die ene hater kan ik nog wel leven.
Jeetje, wees geen hater.
Als je partners wilt zijn, moet je niet zo'n hater zijn.
Ik vind 't niet eerlijk. Ik ben geen hater.
Ben je niet gewoon een hater?
Je bent gewoon 'n hater.
Hij is geen hater.
je bent zo'n hater.
En Donald is een prima hater.
Wees geen hater.
Ik ben geen hater.
Wees geen hater.
Rocío, wees niet zo'n hater.
Iedere keer als een Barney hater jou in het gezicht slaat… gaat de kracht van hun woede van je gezicht,
Maar mevrouw Knuffelbeer wil een nieuwe hd-tv. Knuffelbeer wil niemand pijn doen, zelfs geen hater.
Maar mevrouw Knuffelbeer wil een nieuwe hd-tv. Knuffelbeer wil niemand pijn doen, zelfs geen hater.
Als je partners wilt zijn, moet je niet zo'n hater zijn.
He, decaan. He, waarom ben je zo'n hater?