Voorbeelden van het gebruik van Hem gebeld in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Dr Sterling moet hem gebeld hebben.
Ze hebben hem gebeld.
Maarje hebt hem gebeld.
Papa. Ik heb hem gebeld.
Lk heb hem gebeld.
Ja, Steve Peck moet hem gebeld hebben.
De president heeft hem gebeld.
We hebben hem gebeld en hij heeft onze borg teruggestort via een bankoverschrijving.
Ik heb hem gebeld, gezegd dat we te laat komen.
Heb je hem gebeld?
Ik heb hem gebeld, maar zijn GSM staat uit.
Heb je hem gebeld? Nee.
We hebben hem gebeld maar hij neemt niet op.
Ik heb hem gebeld, maar hij nam niet op.
Hem gebeld, misschien?
Iemand heeft hem gebeld en bedreigd.
We hebben hem gebeld, maar hij neemt niet op.
We hebben hem gebeld, maar die gaat meteen naar de voicemail.
Heb je hem gebeld?
Ik heb hem gebeld, zoals u vroeg.