Voorbeelden van het gebruik van Het bewoog in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Kijk, het bewoog.
Ja, het bewoog.
Dokter, zijn hand, het bewoog.
Ik raakte het aan, en het bewoog.
Mams telefoon, het bewoog.
We zouden het gezien moeten hebben als het bewoog.
We zouden het gezien hebben als het bewoog.
Echt, het bewoog.
Zelfs met twee kan ik niet winnen. Het bewoog.
fluctueerde terwijl het bewoog.
De klauwen, de snelheid waarmee het bewoog.
Hé, Tiff, kijk. Ted, het bewoog.
Het front bewoog snel naar het noorden.
En het bewoog doordat jij dit deed?
Nee, het bewoog en het zag er eng uit.
Het bewoog.
Maar het bewoog in spurten.
Het bewoog als een gordijn.
Het bewoog.
Het bewoog te veel.