Voorbeelden van het gebruik van Bewoog in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
De tijdmachine bewoog door de hoekstroom naar het beginpunt.
Nou, bewoog dat ding echt door magie?
Z'n mond bewoog de hele tijd.
Ik bewoog en hij viel.
Het is de muur, hij bewoog.
Er bewoog iets.
Er iets bewoog op het scherm.
Ik dacht dat ik iets zag. Het bewoog.
Hij bewoog, en ik heb hem neergeschoten.
Het is de muur, hij bewoog.
Ik bewoog het toen ik mijn bord weg nam.
De jurk bewoog als een droom.
Hij was op en bewoog eerder.
Hij bewoog zelfs als u.
Het is de muur, hij bewoog.
En bewoog dan langzaam zijn hoofd.
M'n mam bewoog nog beter toen haar korset afzakte in de kerk.
Hij was te diep ingegraven, of bewoog te snel.
Ik bewoog in mijn slaap.
Verdomme, ze bewoog.