Voorbeelden van het gebruik van Hout hakken in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ga hout hakken.
want ik zal geen hout hakken.
Rustig maar. Ga maar hout hakken.
Vrouw… hier, ga hout hakken.
En ik kan hout hakken.
Je weet wel, hout hakken, ons tegen de dood beschermen.
Water dragen. Hout hakken.
Ze kon hout hakken, kippen slachten
en u laat hout hakken.
is perfect voor praktisch gebruik, zoals hout hakken.
Wil je hout hakken?
Hout hakken, water halen.
Hout hakken.
Moeder leerde je zeker geen hout hakken.
We moeten hout hakken.
We moeten hout hakken.
Ga je midden in de nacht hout hakken?
Hier moeten jullie ook hout hakken.
Zei het kleermakertje en hij ging het hout hakken.
ik zal het hout hakken.