Voorbeelden van het gebruik van Je won in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ben blij dat je won.
Hij droomde dat je won.
Als je won kreeg je 51 punten bijvoorbeeld.
Dus je won hun harten?
Je won je eigen vrije oversteek.
Je won je zaak in de rechtbank voor publieke mening.
Je won de rechtszaak, raadsman.
Je won prijzen.
Ze herinneren zich dat je won. Of nog erger, verloor.
Je won die.
Alsjeblieft, je won zaken met minder.
Je won zijn vertrouwen, je kende hem.
Je won twee titel gevechten,
Je won mijn stem ermee.
Je won die ene voor netste op de kleuterschool.
Je won in 2005 de persoonlijkheidsprijs tijdens Cameretten.
Je won trofeeën, paarden, vrouwen.
Maar je won en je zag er schattig uit met je beker.
Je won daar eerder vier gevallen.