Voorbeelden van het gebruik van Kamerheer in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De Kamerheer vertelde ons zelf over die verrader.
Wie is de kamerheer aan het hof?
Ik geef het aan de kamerheer.
De koning stelt u een vraag, kamerheer.
In 1465 werd hij benoemd tot kamerheer van Filips de Goede.
Goed zo, kamerheer.
Beiden- Kinderoppas en kamerheer.
Gelflings geloven altijd de fluisteringen van de Kamerheer.
Het was de schuld van de Kamerheer.
Dit is de schuld van de Kamerheer.
Generaal? U neemt de plaats van de Kamerheer in.
Maar… het flesje van de Kamerheer blijft.
Maar… het flesje van de Kamerheer blijft.
U had toch genoeg van de plannen van de Kamerheer, Generaal?
Beiden- Kinderoppas en kamerheer.
Zijn dochter Maria trouwde met de Graaf van Zierotin, kamerheer van de Keizer van Oostenrijk.
Vanaf het begin van de jaren 1490 was hij als kamerheer opgenomen in de hofhouding van Filips de Schone.
Daniël sprak erover met de kamerheer, die door Aspenaz was aangesteld om voor hem en Hananja,
Ik ben de kamerheer van de graaf van Manton en dit is Ms Watson.
Waarom riskeert de Kamerheer zijn leven door de Jager op te roepen?