Voorbeelden van het gebruik van Klein hotel in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Hij verbleef altijd in een klein hotel in Koreatown.
Ik ken een klein hotel, meneer, nabij Liverpool Street.
Nou… m'n neef heeft een klein hotel.
Geweldig klein hotel in een interessante buitenwijk.
En een klein hotel.
Vriendelijkste klein hotel in de wereld.
Nou… mijn neef heeft een klein hotel.
Een geweldig klein hotel met een goede prijs.
Nou… m'n neef heeft een klein hotel.
Zijn naam is Robbie en hij bezit een klein hotel.
Verderop is een klein hotel.
River View Hotel is een gezellig klein hotel met 24 kamers in totaal.
Een klein hotel met optimale ligging naar de openbare thermen.
Dit klein hotel op de Zugspitze is volledig gemaakt uit ijs en sneeuw.
Het betreft een klein hotel: 17 kamers over 2 verdiepingen.
Een klein hotel met 6 cabines, een restaurant voor 40 Meer….
Weet u of er een klein hotel in de buurt is?
Over een klein hotel in de omgeving.
Een klein hotel midden in het dorp.