Voorbeelden van het gebruik van Nu ben jij in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Maar nu ben jij het probleem.
Nu ben jij hem. Jij bent hem?
Nu ben jij de leider.
Nu ben jij khan, Taj Mohammed.
Nu ben jij de koning. Nee!
En nu ben jij hem. Ja.
Nu ben jij mijn enige hoop.
Dus nu ben jij een wrakende engel?
Nu ben jij niet serieus.
Nu ben jij alles wat ik nog heb.
Nu ben jij mijn ogen.
En nu ben jij de baas.
Nu ben jij de sterkste.
En nu ben jij de vrouw van de god.
Ja, en nu ben jij één van ons.
Nu ben jij verantwoordelijk voor het verlies.
Nu ben jij een paasei. Mooi.
Nu ben jij mijn teef.
Nu ben jij het hert.
Nu ben jij de hoer.
