Voorbeelden van het gebruik van Jij in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Dat is Ringworm verwijderaar, jij domoor.
En jij, Dylan Hunt.
En kijk eens, jij kleine pinda.
En jij, Theo?
Waar ben je, jij kleine trut?
En jij, Landry?
X kwadraat. Wat heb jij voor vier?
Jij en Alush, Riki?
Geef haar de bal, jij slet.
Sterf. Wat doe jij in godsnaam?
Jij, McDreamy en de sex.
Jij nam me mijn vader af.
Ik dacht dat jij dood was. Ah!
Jij neemt mijn neef
Ben jij George Marshall?
En jij en ik hadden een toekomst kunnen hebben.
Jij zingt, ik speel.
Niet jij en ik.
Jij hebt Tim McManus neergeschoten. Kareem Said.
Jij was de student van Jeong Jeong?