Voorbeelden van het gebruik van Nu ben jij in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
En nu ben jij en ik ben nu
Nu ben jij de enige persoon die is overgebleven die een verbinding vormt met mijn verleden.
En nu ben jij een deel van de Wederopstanding,
Maar nu ben jij het probleem.
En nu ben jij er, Mr Meriwether Compeyson.
Nu ben jij de enige met een sleutel voor mijn huis.
Nu ben jij degene die raar doet.
Nu ben jij mij.
Nu ben jij het.
Nu ben jij mij en ik ben jou.
Nu ben jij het… die een gevaar is voor ons allemaal.
Dus nu ben jij ook schuldig.
Dus nu ben jij de enige die me kan helpen.
Nu ben jij het.
Nu ben jij degene die verliest.
Maar nu ben jij die persoon, je wordt binnenkort volwassen.
Nu ben jij degene die onrustig is, relax!
Maar nu ben jij aan de beurt!
Nu ben jij degene die gluurt.
Dus nu ben jij de sceptische?