Voorbeelden van het gebruik van Profeteerden in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Ecclesiastic
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
de profeten Haggai en Zacharia profeteerden.
zij spraken in tongen en profeteerden.
de Geest op hen rustte, dat zij profeteerden, maar daarna niet meer.
Het geschiedde nu, als de middag voorbij was, dat zij profeteerden totdat men het spijsoffer zou offeren;
En hetgeschiedde, als de Geest op hen rustte, dat zij profeteerden, maar daarna niet meer.
Filipus de evangelist had vier ongehuwde dochters die profeteerden(Handelingen 21:9). f.
zij spraken met vreemde talen, en profeteerden.
zij spraken in tongen en profeteerden.
spraken zij in tongen en profeteerden.
Toch vertel IK jullie, diegenen die wel profeteerden over de grote verwoesting die eraan komt op 8 Mei, zij logen niet tegen jullie.
Toen voer Saul voort en zond de derde boden, en die profeteerden ook.
Toen men het Saul boodschapte, zo zond hij andere boden, en die profeteerden ook;
Ik heb wel ongerijmdheid gezien in de profeten van Samaria, die door Baal, profeteerden, en Mijn volk Israel verleidden.
de zoon van Iddo, profeteerden tot de Joden, die in Juda
die datum gaat voorbij en hetgeen dat zij profeteerden komt niet uit.
Het geschiedde nu, als de middag voorbij was, dat zij profeteerden totdat men het spijsoffer zou offeren; maar er was geen stem,
ze baden en/of profeteerden.
zagen hoe Samuël en enige andere profeten profeteerden, kwam de Geest van God over hen
die datum gaat voorbij en hetgeen dat zij profeteerden komt niet uit.
al de profeten profeteerden voor hen.