Voorbeelden van het gebruik van Stommeling in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Je bent gewoon een stommeling.
Omdat ik een stommeling ben.
Nee, ik heb geen vriendje, stommeling.
Ik ook niet, stommeling.
Wacht maar even. Stommeling.
Doe dat nooit meer, stommeling.
Een stommeling zal hem in dat kostuum zien
Die stommeling van school.
Jij domme stommeling.
Mizuki de stommeling.
LeSean was een stommeling.
Je moet me te bedanken, stommeling.
Sean? Stommeling.
Nou, George is een stommeling.
lelijke stommeling.
Stommeling, er zit glas daar.
De stommeling die zich wat meent met zijn verwisselbare handen, is Gobber.
Geloof je deze stommeling?
Het is zo'n stommeling.
Houdt onze straten schoon, één stommeling per keer.