Voorbeelden van het gebruik van Cassius in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Iedereen wil er bij zijn op Neon, dat bewijst ook de zeer succesvolle oproep van Proximus naar DJ's om de line-up te vervolledigen naast Cassius, Claptone, Dusky
een andere generaal Romeins, Cassius, brak een van de moordenaars van Caesar,
Broeder Cassius.
Het is Cassius.
Ga verder Cassius.
Omdat ik Cassius ben.
Ik heet Cassius X.
Dat jij Cassius bent.
Cassius deed niks verkeerd.
Ik praat met Cassius.
Cassius Clay ontwijkt 'm.
Het is Cassius niet.
Heeft Cassius Paul neergeschoten?
Deelt Cassius je zienswijze?
Maar Cassius Dio overleeft het.
Voor altijd vaarwel, Cassius.
Brutus en Cassius komen terug.
Je kent Cassius, natuurlijk.
Die Cassius bevalt me niet.
Eerst Tanner, dan Cassius.