Voorbeelden van het gebruik van Kalkoen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dat was toen Monica's kalkoen vastzat op Joey's hoofd.
Zat er een kalkoen op Joey's hoofd?
Doe de kalkoen dan maar.
Niks kalkoen, ik wil varken.
Een kalkoen werd gebogen over een van zijn palen en.
Ik had geen kalkoen mogen maken bij jouw etentje.
Niet precies zoals kalkoen, maar… dicht genoeg.
Alleen kalkoen hamburgers en spruitjes.
Dit is een kalkoen om een schedel.
Kalkoen zonder mayo.
Je bent geen kalkoen.
Dus, wat is de kans dat ik kalkoen eet vandaag?
We hebben een kalkoen nodig.
Bart krijgt slaag van een strand kalkoen!
Wie wilt er tonijn en wie wilt er kalkoen?
Ik ben geen kalkoen!
Ze is een mens, geen kalkoen.
Het is gemakkelijk, zelfs een super ontwikkelde kalkoen uit de toekomst kan het.
We krijgen toch wel een kalkoen?
Maar nu denk ik aan een lekkere kalkoen boterham.