Voorbeelden van het gebruik van Verkopen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik wil geen schoenen meer verkopen.
Een paar weken rustig leven, en deze schatjes verkopen zich als eendehartjes.
Aan rijke mensen drugs verkopen.
Maar ik wist niet dat Klein wilde verkopen.
ik geen drugs wil verkopen.
Ik mag geen wondermiddeltjes verkopen.
Wou hij je geen drugs verkopen?
Jij gaat naar dat kamp al moet ik een nier verkopen.
we mogen het niet verkopen.
Kunnen ze het verkopen.
Deze lul was methadon aan het verkopen vanuit zijn appartement.
We moeten ons kantoor dus goed aan 'm verkopen.
Jawel, maar ik kan best duizend veren verkopen.
Ik moest fors betalen om te horen dat ze het vrijdag verkopen.
Tenminste totdat we kunnen verkopen.
Niet alles, anders moet ik mijn os verkopen.
Wij zullen uw persoonsgegevens nooit doorgeven, verkopen of uitruilen voor marketingdoeleinden.
Zij waren duiven aan het kopen en verkopen in de tempel.
Een dokter is gearresteerd wegens het verkopen van steroïden.
Ik hoorde dat Danny het proefwerk wilde verkopen.