Voorbeelden van het gebruik van Bureau in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Jullie worden omgeleid naar bureau 13 tot de storm gaat liggen.
Het komt binnenkort naar een bureau dichtbij jou.
Wie is dat daar bij Neal's bureau?
U komt met al uw foto's naar het bureau.
Het belang van de juiste houding achter een Bureau voor studenten.
Haar moeder belde het bureau.
Gebruikte je de foto van mij aan mijn bureau voor de voorpagina?
Bortoletti maken mooie Italiaanse pennen die zou geweldig uitzien op iedereen bureau.
Ik ben net terug op het bureau.
Kom om negen uur naar het bureau voor de confrontatie.
Verzekering voor lease-auto's in Cambridge is gemaakt op de verhuur bureau.
Alles over de Zwarte Klauw bespreken we buiten dit bureau.
Ilinka is bang dat ze gevolgd is naar dit bureau.
Sarah, Anna, jullie gaan met ons mee naar het bureau.
Dennis Firle belde het bureau vannacht.
Je hoeft jezelf niet te bewijzen aan mij, of wie dan ook in dit bureau.
Ik moet inspecteur Thursday bellen op bureau.
Ja, het kwam vanuit dit bureau, Het was Commandant Zhang.
Plaats op tafel/ bureau.
we zijn in bureau Cowley.