Voorbeelden van het gebruik van Een virus in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Collectief narcisme is een virus geworden.
Ze worden niet veroorzaakt door een virus zoals HPV.
Die Kubus was zwaar beschadigd door een dodelijk virus.
Het verspreidt zich als een virus.
Dan hoort mam dat haar laptop een virus heeft.
We zien al zelfduplicatie bij computers, een software virus bijvoorbeeld.
Victoria is besmet met een virus.
Geen galstenen, het kan een virus zijn.
mensen vaak betreft dit programma een virus.
We hebben de koerier laten ontkomen met een dodelijk virus.
Zie de Schaduwkoning als een virus.
er misschien een virus ontsnapt was?
Hiervoor heeft het, in tegenstelling tot een virus, geen gastheer nodig.
De onderzoekers vertelden voor het eerst meerdere succesvolle behandelingen van influenza een virus met sambucol.
Dat was enkel Treat Williams in een virus film.
Algemene naam: De naam waaronder een virus algemeen bekend staat.
Het wordt nog erger, iemand installeerde een virus op Taylor's telefoon.
Waar het 't dichtste bij komt is een virus.
Amerikaanse wetenschappers hebben een virus ontdekt dat het menselijk brein aantast
We denken dat je blootgesteld bent aan een virus… maar het is voorzorg, oké?