Voorbeelden van het gebruik van Schooltijd in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Wel als je al die sexy meiden van je schooltijd wilt vinden.
Stickers voor prijzen… of je blijft bij mij na schooltijd.
Zie na schooltijd.
Wat herinner jij je het best van je schooltijd?
Elke dag, na schooltijd.
Schatje, vertel je vader eens wie er na schooltijd langskomt.
Je hebt deze maand meer gescoord… dan tijdens je hele schooltijd.
Ze kwam bij mij na schooltijd.
Ben je hier na schooltijd?
Na schooltijd.
Het was een dinsdag, na schooltijd.
We zitten midden in schooltijd.
Het stond vandaag niet aan, maar wel na schooltijd.
Geregeld dan, we zien je na schooltijd.
maar ik zie je na schooltijd.
Jij en ik, na schooltijd.
Ik gaf privéles na schooltijd.
Na schooltijd. Een afspraak!
Ik heb iets na schooltijd.
Doen jullie elke dag na schooltijd samen huiswerk?