NUNCA LOS - vertaling in Nederlands

ze nooit
nunca se
jamás se
ella no
ze niet
no se
hen ooit
les han
nunca los
ellos nunca más

Voorbeelden van het gebruik van Nunca los in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Ella nunca los lleva a casa.
Ze neemt hen nooit mee naar huis.
Nunca los encontraba en la misma persona.
En die vond ik nooit in dezelfde persoon
Nunca los encontraremos en esta tormenta.
We vinden hem nooit in dit weer.
Si nunca los han usado,
Als je ze nog nooit gebruikt hebt,
No, señor. Nunca los vi.
Ik heb hem nooit gezien.
Nunca los encontrarán.
Die vinden jullie nooit.
Quiéres decir que tú nunca los presentaste.
Je bedoelt dat jij hem nooit hebt aangeklaagd.
Creo que nunca los encontraremos.
Volgens mij vinden we het nooit.
No. No, nunca los guardo.
Nee, die bewaar ik nooit.
¿Sabes qué? Nunca los he entendido.
Weet je, deze heb ik nooit begrepen.
Escondí los 80 dólares en mi cinturón y nunca los toqué.
Ik verstopte die tachtig dollar in mijn riem en raakte het nooit aan.
Cuando alguien viene a pedir trabajo ella nunca los entrevista.
Als iemand op een sollicitatie gesprek komt… interviewt ze hem nooit.
Los niños eran separados de sus madres y ya nunca los volvían a ver.
De moeders werden gescheiden van hun kinderen en zagen hen nooit meer terug.
Los olvidé, pero nunca los perdoné.
Ik vergat, maar ik vergaf hen nooit.
Chicas, este sitio es tan grande… que nunca los encontraremos.
Jongens, deze plek is zo groot… we vinden het nooit.
Una vez que abren los ojos, nunca los pueden cerrar de nuevo.
Nadat je eenmaal je ogen opent, kun je ze nooit meer sluiten.
Si los bichos se empiezan a reproducir, nunca los tendremos bajo control.
Als de kevers zich voortplanten krijgen we het nooit onder controle.
Si lo dejamos adelantarse demasiado, nunca los encontraremos.
Hij heeft te veel voorsprong, we vinden hem nooit.
Pensé que nunca los venderíamos.
Ik dacht: die verkopen we nooit.
Que juró que nunca los mataría.
Die had gezworen dat hij hem nooit zou doden.
Uitslagen: 266, Tijd: 0.0709

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands