Examples of using Bedriegen in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Waarom, zodat het meer mensen kan bedriegen in shitty deals?
Niemand zal je bedriegen.
Ik zou Clarence nooit bedriegen.
De heidenen bedriegen jullie.
God is niet als een mens die u zou bedriegen.
Ik ga mijn vrouw niet bedriegen.
Meester in bedriegen en een toren van corruptie.
Maar waarom de man bedriegen waarvoor je werkt?
Je ogen kunnen je bedriegen.
je een bedrieger niet kunt bedriegen.
Sorry dat ik je moest bedriegen.
Samjang zal me nooit bedriegen.
Edelen, de eervolle, ze liegen en bedriegen niet.
Honden liegen, bedriegen en stelen.
Bij God, als je denkt dat je het Huis van Medici kunt bedriegen.
Het smaden en bedriegen van de Geest.
Liegen en bedriegen voor de waarheid, wat een concept.
Hem bedriegen?
Nou, laat niet de ontstoken ogen u bedriegen.
Zij zou me niet bedriegen.