Examples of using Geloften in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Geloften die hij nooit meer zal vechten.
Heb jij je geloften uit een boek?
U hebt uw geloften nog niet afgelegd.
Ik moet mijn geloften nog een kans.
M'n geloften zijn af.
Mode geloften, weet je nog?
U mag uw geloften met een kus bezegelen.
Je geloften waren mooi.
Je geloften waren mooi.- Hoi.
Jouw geloften zijn mooier dan de mijne.
Je geloften waren mooi.- Hoi.
Ruil jullie geloften.
Tammy, squanch je geloften nu maar.
Plechtige geloften.
Uw geloften.
Jongeman, leer je geloften.
Gewoon een paar eenvoudige geloften.
Mijn geloften.
Ik zag je amper voor de geloften week.
Allebei hadden ze de geloften van armoede, kuisheid en gehoorzaamheid afgelegd en dat verbond hen.