Examples of using Haar date in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
en doe of je haar date bent, haal haar weg,
En doe of je haar date bent, haal haar weg,
Een van de slimste vrouwen op de campus te dwingen haar date met jou te vergeten. Terwijl ik deze wond sluit wil ik
Een van de slimste vrouwen op de campus te dwingen haar date met jou te vergeten. Terwijl ik deze wond sluit wil ik dat je nadenkt over hoe je probeerde.
Een van de slimste vrouwen op de campus te dwingen haar date met jou te vergeten. Terwijl ik deze wond sluit wil ik dat je nadenkt over hoe je probeerde.
Een van de slimste vrouwen op de campus te dwingen haar date met jou te vergeten. Terwijl ik deze wond sluit wil ik dat je nadenkt over hoe je probeerde.
Een van de slimste vrouwen op de campus te dwingen haar date met jou te vergeten. Terwijl ik deze wond sluit wil ik
Een van de slimste vrouwen op de campus te dwingen haar date met jou te vergeten. Terwijl ik deze wond sluit wil ik
Terry ondervroeg haar dates altijd als ze haar thuisbrachten.
Met al haar dates.- Ik betwijfel het.
Met al haar dates.- Ik betwijfel het.
Maar ze vertelt altijd over haar dates.
Deuce Bigalow, haar date.
Je kijkt naar haar date.
Om haar date te zijn.
Dochter Maffiabaas vermoordt haar date.
Wilde Maeby haar date afzeggen.
Heb je haar date gezien?
Haar date.- Wat Perry.
Deuce Bigalow, haar date.