Examples of using Was toeval in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Dat was toeval.
Het was toeval, dat is alles.
Liefje, wat er gebeurd is tussen jullie gisteren was toeval.
Of het was toeval.
Het was toeval dat ik daar was. .
We zouden moeten stoppen voor 'n controle. Het was toeval.
Het was toeval dat hij juist toen stierf.
Dus het was toeval.
De tweede wedstrijd was toeval.
Het been was toeval.
Hannah. Het was toeval.
Ik zeg je, Murdock, het was toeval.
Nee, het was toeval.
Ik moest naar het… Het was toeval.
Ik heb het ergens gezien. Het was toeval.
Dus het was toeval dat hij bij Fernskog kwam.
Dus het was toeval dat je ex er was? .
Dat was toeval.
Dus meningitis was toeval?
Het was toeval. Natuurlijk.