GOT A CHANCE - vertaling in Nederlands

[gɒt ə tʃɑːns]
[gɒt ə tʃɑːns]
de kans kreeg
get the chance
have the opportunity
have the chance
get the opportunity
be given the opportunity
given the chance
hebt een kans
have a chance
have an opportunity
got a chance
have a shot
got a shot
kans maakt
chance
have a chance
a shot
is likely to make
hebt kunnen
could have
may have
have been able
have managed
has enabled
has allowed
can get
have been able to get
hebben een kans
have a chance
have an opportunity
got a chance
have a shot
got a shot
de kans kregen
get the chance
have the opportunity
have the chance
get the opportunity
be given the opportunity
given the chance
heeft een kans
have a chance
have an opportunity
got a chance
have a shot
got a shot
heb een kans
have a chance
have an opportunity
got a chance
have a shot
got a shot
de kans krijgt
get the chance
have the opportunity
have the chance
get the opportunity
be given the opportunity
given the chance
de kans krijg
get the chance
have the opportunity
have the chance
get the opportunity
be given the opportunity
given the chance
hebben de kans gehad

Voorbeelden van het gebruik van Got a chance in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
You got a chance. That you two would get up to something the minute.
Je hebt een kans. Dat jullie twee op het nippertje zouden komen.
All right, we got a chance here.
Oké, we hebben een kans hier.
But Marowak's got a chance to smash it!
Maar Marowak heeft een kans om te smashen!
I got a chance here.
Ik heb een kans.
It matters'cause you got a chance to live.
Je hebt een kans om te blijven leven.
But fifteen others got a chance at a new life.
Maar 15 anderen hebben een kans op een nieuw leven.
He's got a chance. He's a kid.
Hij is een kind, hij heeft een kans.
A real future. You got a chance at a good life.
Je hebt een kans op een goed leven, een echte toekomst.
Yeah, we got a chance.
Ja, we hebben een kans.
You got a chance to do it, I don't.
Jij hebt een kans om het te doen.
Cockpit's still locked, though, so we got a chance to.
De cockpit zit nog steeds op slot trouwens, de we hebben een kans om.
You got a chance.
Je hebt een kans.
Kid, we got a chance!
Kid, we hebben een kans.
But you got a chance to score points for cooperating.
Maar je hebt een kans om punten te scoren voor samenwerking.
I'm not saying you can win, but you got a chance.
Ik zeg niet, dat je kunt winnen, maar je hebt een kans.
I never got a chance to tell you how disappointed.
Ik de kans kreeg nooit om u te vertellen hoe teleurgesteld.
I never got a chance to show'em.
Maar ik kreeg de kans niet om dat te laten zien.
He never got a chance to tell me.
Hij kreeg de kans niet om iets te zeggen.
He got a chance to do what he's best at again.
Hij kreeg de kans om te doen wat hij goed kan.
I never got a chance to ask him.
Ik kreeg de kans niet om het hem te vragen.
Uitslagen: 378, Tijd: 0.0648

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands