HAVE ONE THING - vertaling in Nederlands

[hæv wʌn θiŋ]
[hæv wʌn θiŋ]
hebben één ding
have one thing
got one thing
hebben iets
have something
need something
got something
did something
found something
brought something
put something
have got a thing
took something
eén ding hebben
have one thing
moet nog één ding
hebben 1 ding
have one thing
heb nog een ding
hebben één zaak
heb één ding
have one thing
got one thing
heb iets
have something
need something
got something
did something
found something
brought something
put something
have got a thing
took something
hebt één ding
have one thing
got one thing
één ding hebt
have one thing
got one thing

Voorbeelden van het gebruik van Have one thing in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
I have known more than one Stamets, and they both have one thing in common.
Ik ken meer dan één Stamets en ze hebben iets gemeen.
We are Tom and Bas and we have one thing in common;
Wij zijn Tom en Bas en we hebben 1 ding gemeen;
You have one thing in your favour, Mrs. Bonell.
Je heb iets in je voordeel, Mrs. Bonell.
But I have one thing, Ms. Dunham,
Maar ik heb één ding mejuffrouw Dunham,
They have one thing in common: they cannot sing.
Eén ding hebben ze gemeen: ze kunnen niet zingen.
You and I have one thing in common, George.
Jij en ik hebben één ding gemeen, George.
They are relentless in the face of injustice. But they both have one thing in common.
Het zijn geweldige mensen, maar ze hebben iets gemeen.
You have one thing that I do not.
Je hebt één ding wat ik niet heb..
I have one thing to say.
Ik heb iets te vertellen.
I just have one thing to say.
Ik heb één ding te zeggen.
These experiences all have one thing in common.
Eén ding hebben al deze belevenissen gemeen.
This town. But we have one thing in common.
Maar we hebben één ding gemeen… deze stad.
You have one thing to trade, Julia,
Je hebt één ding te verhandelen, Julia,
I know. You have one thing in your favor, Mrs. Bonell.
Ik weet het. Je heb iets in je voordeel, Mrs. Bonell.
I have one thing to say.
Ik heb één ding te zeggen.
But they all have one thing in common.
Eén ding hebben ze allemaal gemeen.
All powerful men have one thing in common.
Alle machtige mannen hebben één ding gemeen.
You have one thing to trade, Julia, for one miracle.
Je hebt één ding te ruilen, voor één wonder.
I have one thing to say.- RTL!
Ik heb iets te vertellen- RTL!
You have one thing.
Je heb één ding.
Uitslagen: 342, Tijd: 0.0536

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands