SLEEP FOR A WEEK - vertaling in Nederlands

[sliːp fɔːr ə wiːk]
[sliːp fɔːr ə wiːk]
week slapen
sleep for a week

Voorbeelden van het gebruik van Sleep for a week in het Engels en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
I think I could sleep for a week. Just awfully tired.
Vreselijk moe. Ik denk dat ik een week zou kunnen slapen.
Just awfully tired. I think I could sleep for a week.
Vreselijk moe. Ik denk dat ik een week zou kunnen slapen.
When we get to Sundust I will sleep for a week.
Als ik weer in Sun Dust ben, zal ik slapen voor een week.
When this day is over, I am going upstairs and sleep for a week.
Wanneer deze dag om is, Ga ik naar boven, en slaap ik een hele week.
What, not a word?--you take your pennyworths now; Sleep for a week; for the next night, I warrant.
Wat, niet een woord- je pennyworths nu te nemen; slaapstand voor een week, want de volgende nacht, ik rechtvaardigen.
If you sleep on the weekend for a long time under normal sleep for a week, then you need to consult an endocrinologist to check the condition of the pancreas and thyroid.
Als je slaapt op het weekend voor een lange tijd onder normale slaap voor een week, dan moet je een endocrinoloog te raadplegen om de toestand van de pancreas en de schildklier te controleren.
Like I-- like I slept for a week.
Zoals ik- net als ik sliep voor een week.
Yes. Heh. You might all have slept for a week… had I not administered the universal drug antidote.
Misschien had je wel voor een week geslapen Ja. als ik het universele medicijn-tegengif niet had toegediend.
I sleep for a week.
Slaap ik voor een week.
I could sleep for a week.
Ik zou een hele week kunnen slapen.
He didn't sleep for a week.
Hij sliep een week niet.
I did not sleep for a week.
Ik kon 'n week niet slapen.
You won't sleep for a week.
Je zal er een week niet van slapen.
You won't sleep for a week.
Dan zal je een week lang niet kunnen slapen.
And tonight… I sleep for a week.
En vannacht… slaap ik voor een week.
Your brother won't sleep for a week.
Anders slaapt je broer een week niet.
I didn't sleep for a week afterwards.
Ik sliep een week niet.
I didn't sleep for a week afterwards.
Ik kon een week niet slapen.
I am going to sleep for a week!
Ik ga een week slapen.
Feel like I could sleep for a week.
Ik kan wel een week lang slapen.
Uitslagen: 477, Tijd: 0.0479

Woord voor woord vertaling

Top woordenboek queries

Engels - Nederlands