Voorbeelden van het gebruik van Een week in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Dat bloedonderzoek is een week oud.
Maar alleen voor een periode van een week.
Ze zijn er voor een week heengegaan.
Maar dat was een week geleden.
Hij is al een week onbereikbaar.
Ik ben er pas een week.
Misschien twee weken.- Een week.
Misschien twee weken.- Een week.
Gefeliciteerd, Josh. Het is over een week.
Ik ben zwanger. Ongeveer een week of acht.
Het kan een week duren, een maand.
Mijn route voor een week in het zuiden van IJsland bevat.
Eerder een week.
Drie dagen werden een week. Een week werd twee weken. .
Leef een week of een weekend lang als een kasteelheer of kasteelvrouw.
Net terug van een week vakantie op deze appts.
We hadden een geweldige week in de cabine.
Reisverhaal Alweer een week geleden dat ik een bericht gepost heb.
Deze innesteling gebeurt meestal een week tot anderhalve week na de bevruchting.
Maar hoeveel weet je een week later nog?