Voorbeelden van het gebruik van Dit ben jij in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dit ben jij.
Dit ben jij.
Dit ben jij niet, Stefan.
Dus, dit ben jij.
Dit ben jij toen je net geboren was. .
Tally, dit ben jij niet.
Dit ben jij.
Dit ben jij, jouw betekenis hierin.
Dit ben jij niet, schat.
Dit ben jij.
Dit ben jij als je boos bent? .
Dit ben jij niet.
Lucy, dit ben jij niet.
Dit ben jij en ik op Halloween. Kom kijken.
Dit ben jij echt.
Dit ben jij zonder mij!
Dit ben jij nu?
Maar dit ben jij niet.
Dit ben jij.
Dit ben jij, op ongeveer vijf mijl.
