Voorbeelden van het gebruik van Een manager in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Maar als ik een manager heb, kan ik vaker hier zijn.
Brian was een manager met een frisdrank bedrijf in Virginia, USA.
Een manager kan slechts twee bewerkingen op een agent uitvoeren.
De uitdagingen waarvoor een manager in het onderwijssysteem staat.
Ik besluit een andere manager te nemen.
Wie is een manager en wat doet hij?
Er was een manager, Kirman.
Misschien een manager.
Is er een manager?-Manager! .
Hij is een manager bij een ijssalon.
Ik wil een manager spreken.
Nou je kunt een andere manager nemen wanneer je wilt.
Een manager.
Ik wil een manager spreken.
Wat is het verschil tussen een manager en een agent?
Misschien een manager.
Is er een manager?
Zo gedraagt een manager zich niet.
Hij is een manager en zij een grafisch artiest.
Een manager klaagt niet over geld bij haar cliënt.