Voorbeelden van het gebruik van Gok in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik gok op Chicago.
Mijn gok is dat ze geld van hem wilde.
Ik gok op iemand waar ze op joeg.
Allison. Ik gok dat ik je niet dood wou.
Ik gok dat je haar iets wilt vertellen.
Het is een gok, maar zo zou ik het doen.
Officieel gok ik niet, maar.
Goede gok, maar nee.
Eén gok, een naam, ja of nee.
Ik gok op drieen.
Ik gok dat zij dit doen.
Ik gok iets op basis van azijn.
Ik gok dat je daar geen vergunning voor hebt.
Die gok kan ik niet nemen.
Loterijen zijn een gok, maar een gok met een aanzienlijke prijs!
Ik gok dat het Lucifer ook kan bevatten.'Het'?
Ik gok niet meer.
Was dat maar een gelukkige gok, of heb je gewoon… mijn gedachten gelezen?
Ik gok op de jonge voluptueuze studente.
Ik gok op Cullen.