Voorbeelden van het gebruik van Haar eigen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze moet haar eigen vitamine hebben.
Ze moet haar eigen weg vinden.
Zij is haar eigen Bonnie.
Ze leeft haar eigen leven.
Haar eigen woorden.
Déjà moet nu haar eigen weg vinden.
Enig idee waarom ze haar eigen land verraad?
Ze had haar eigen agenda.
Lana kan haar eigen beslissingen nemen.
Haar eigen zoon?
Voorzag ze haar eigen toekomst?
Haar eigen vlees en bloed.
Ze heeft haar eigen strategieën.
Ze heeft haar eigen dood in scène gezet.
Ze verstoorde haar eigen verstoring.
Z'n moeder doet haar eigen ding in Miami.
Ze zal haar eigen conclusies trekken.
Heeft Emilia Urquiza haar eigen man neergeschoten?
Ze redde haar eigen leven ook.
Billie heeft haar eigen verhaal.