Voorbeelden van het gebruik van Haar hals in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Hij pakte haar hals vast.
Met een etiket om haar hals, als een postpakket.
De aders in haar hals zijn gezwollen.
Leg je vingers in haar hals, aan de rechterkant.
Een steekwond in haar hals, boven haar linker sleutelbeen.
Ze moet een gouden schep om haar hals dragen.
Dus ook geen sporen aan haar hals.
Annie draagt een medaillon om haar hals.
kust haar hals en loopt achter haar aan!
De sjaal die ze om haar hals wikkelde.
Er zit iets om haar hals.
Ze moet een gouden schep om haar hals dragen.
Bereid haar voor op de ingreep en laat haar hals checken op hematomen.
Dat de navelstreng om haar hals had gezeten.
Je handen om haar hals?
Ze heeft een bom om haar hals.
Ik snij haar hals open.
Hier, in haar hals.
Een draad sneed om haar hals.