Voorbeelden van het gebruik van Het verzonnen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Misschien heb ik het verzonnen.
Wat als hij het verzonnen heeft?
Ik heb het verzonnen, omdat jij Cam hebt beledigd.
Pap heeft het allemaal verzonnen.
Heb je het verzonnen?
Ik heb het verzonnen toen ik nog een kind was.
Ik heb het allemaal verzonnen.
Je hebt het verzonnen?
Ik heb het verzonnen. Goed dan.
Goed, ik heb het allemaal verzonnen. Goed, ik.
Wij hebben het verzonnen, en zij maakte hem echt.
Hij had het verzonnen, om de delen snel te scheiden.
Wie had het verzonnen?
Ze had het verzonnen?
Heb het verzonnen? In je eentje?
Ik heb het verzonnen. Wat.
Ik heb het verzonnen, oké?
Is het verzonnen?
Dat Mark het verzonnen had.
Ik heb het verzonnen. Oh.
