Voorbeelden van het gebruik van Je zoon in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Heeft je zoon gezegd dat hij me zag?
Ik heb geprobeerd het je zoon uit te leggen.
Misschien omdat je je zoon aan 'n vreemde gaf.
Ik heb je zoon doodgeschoten.
Voor het welzijn van je zoon, Draka, vertrek.
Wat moet ik je zoon vertellen?
Je zoon heeft mazzel.
Je zoon is al ziek sinds hij kon kruipen.
Nee, Charlie. Je zoon heeft een kind gebeten.
Ik wilde je zoon niet, Michael.
Stuur je zoon om de boten te schilderen.
Ik zal hier, met je zoon, op je wachten.
Hij wilde je zoon zijn.
Je zoon is erg ziek.
Dat huis dat je zoon net voor je afbetaalde.
Ik had je zoon niet moeten aanvallen.
Heb je je zoon dit verteld?- Ja,?
Ik heb je zoon vermoord.