Voorbeelden van het gebruik van Journalisten in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Journalisten die een reactie willen op het spotje van de burgemeester.
M'n ouders waren journalisten.
Anders moet ik eens met die journalisten gaan praten.
Journalisten hebben nooit tijd.
En journalisten.
Ik haat journalisten.
Hou haar uit de buurt van de journalisten.
Nu. De journalisten zijn hier nog!
In de hoop dat niet alle journalisten hetzelfde zijn.
Ik wil niet met journalisten praten.
Het zijn journalisten, zoals u wilde.
Je haat journalisten.
Bij de hoofdingang stikt het van de journalisten.
Geen familie, geen vrienden… geen journalisten, geen politie.
In het begin vroegen ze journalisten om hulp.
Ik vertel de journalisten de waarheid.
Dat beloof ik. We zijn journalisten.
Ik heb niet met journalisten gepraat.
Ze praat niet met journalisten.
Nick, journalisten.