Voorbeelden van het gebruik van Klusjes in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Meer klusjes, meer verantwoordelijkheden en zo.
Voor sommige klusjes was je te goed.
Knap ergens anders je vuile klusjes op.
Neem hem vandaag mee op je klusjes.
Hij laat mensen klusjes doen.
Als zij me kleine klusjes gaven.
Klusjes aan het pand dat je verhuurt.
Dit zijn klusjes voor een stagiair.
Ik heb mijn klusjes vandaag nog niet gedaan.
Heel veel klusjes.
Gaan je kinderen hier ook klusjes doen?
Ik hou van mijn klusjes.
Ik doe alle klusjes.
Ik haat klusjes.
Maar soms doet hij speciale klusjes. Ja.
Klusjes, weet je wel? O, hier en daar.
Ik heb vandaag geen klusjes voor je.
Bedankt dat je de klusjes doet.
Dit zijn geen klusjes.
Aio's doen klusjes.