Voorbeelden van het gebruik van Niet opscheppen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik wil niet opscheppen, maar mijn gereedschap is groter.
Ik wil niet opscheppen.
Nou wil ik niet opscheppen, maar ik maak de lekkerste moeras ratstoofpot.
het is niet opscheppen.
Maar ik wil niet opscheppen.
Kijk, ik wil niet opscheppen.
Ik wilde niet opscheppen.
Ik wou niet opscheppen.
Tuurlijk. Ik wil niet opscheppen.
Laat er 's een. Ik wil niet opscheppen.
Ik zal niet opscheppen.
Nee. Ik ga niet opscheppen.
Ik wil niet opscheppen.
Ik wou niet opscheppen.
Ik wil niet opscheppen.
Ik wil niet opscheppen.
Gefeliciteerd. We willen niet opscheppen, maar, uh… Onze kinderen hebben dat gedaan.
Ik wil niet opscheppen… maar'uitgedacht is een beter woord.
Niet opscheppen jongen.
Ik wil niet opscheppen maar objectief gezien?
