Voorbeelden van het gebruik van Uittesten in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik moet nog een paar dingen uittesten.
maar we kunnen het uittesten.
Je wilt haar uittesten.
Ik was je gewoon aan het uittesten.
Je was me aan het uittesten?
Natuurlijk. Nu alleen nog uittesten.
Maar ik denk niet dat ik ze wil uittesten.
Installatie, configuratie en uittesten van de technologie ter plaatse.
Het uittesten van uw nieuwe ras op verschillende locaties waar dan ook ter wereld.
Het uittesten van uw nieuwe ras op verschillende locaties waar dan ook ter wereld.
Of wilde je uittesten of ik nog loyaal aan je was?
Wil je het uittesten? Wat?
Uittesten, oefenen. Kijken wat 't doet.
Voor het ontwikkelen en uittesten van noodzakelijke medicijnen kunnen wij deze dierproeven accepteren.
Ik wil eerst onze theorie uittesten.
ik wilde een theorie uittesten.
ik niet willen uittesten.
Ik was een van de nieuwe beveiligingscodes aan het uittesten.
Waarom niet eens zelf proberen en uittesten?
Aangezien kinderen ook op een loopfiets hun grenzen uittesten, is een hoge veiligheidsgraad onmisbaar.