Voorbeelden van het gebruik van Verpleeghuis in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ronnie geld was vuiler dan de vloer in de wc's van een verpleeghuis.
Ik ben naar het verpleeghuis gegaan.
Nu crepeert ze in het verpleeghuis.
Negen ziekenhuizen en een verpleeghuis.
Ik ben op zoek naar een 100-jarige die weggelopen is uit het verpleeghuis.
Ik ben in dit verpleeghuis geboren.
De nacht toen Sarah stierf, had Alan dienst in 't verpleeghuis.
Ze zit in een verpleeghuis.
M'n vriend Jacques heeft een verpleeghuis.
We hebben versterking gekregen van het verpleeghuis in Conifer.
Ze werkt in het verpleeghuis in New Orleans.
Zijn moeder zit in een verpleeghuis in Flagstaff.
Hoelang zit u al in dat verpleeghuis?
Breng hem naar een verpleeghuis.
Ik was een oude man en woonde in een verpleeghuis.
Zelfs mijn oma… floot de melodie wanneer ik haar bezocht in het verpleeghuis.
Mag ik naar 't verpleeghuis?
Een zekere Faucon, hij had een verpleeghuis in Denver.
Ik ben op zoek naar een 100-jarige die weggelopen is uit het verpleeghuis.
Hij hoort in een verpleeghuis.