Voorbeelden van het gebruik van Vertrouwde je in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze vertrouwde je, echt waar.
Vertrouwde je me niet?
Ik vertrouwde je eerst niet, dus ik moet je nu wel vertrouwen.- Nee.
Ik vertrouwde je en je stal mijn baby!
Ik vertrouwde je.
Ik vertrouwde je. Mijn geld.
Hij vertrouwde je, Jasper!
Vertrouwde je me niet?
Jou vertrouwen? Ik vertrouwde je en kijk eens wat er is gebeurd.
Ik vertrouwde je, John.
Ik vertrouwde je, Joe!
Hij vertrouwde je, hij mocht je graag.
Ik vertrouwde je, Ruth.
Ik vertrouwde je blind.
Ik vertrouwde je.
Als de politie Beecham in handen kreeg… Maar Roosevelt vertrouwde je.
Ik vertrouwde je, Scott.
Ik vertrouwde je met dassen, schat.
Ik ben teleurgesteld, ik vertrouwde je, gaf je een kans!
Ramse vertrouwde je.
