Voorbeelden van het gebruik van Afgunst in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Die wordt streng bewaakt met afgunst en venijn.
Het opslaan van uw trots, afgunst en milt.
Ares vergiftigde de harten van de mens met afgunst en wantrouwen.
Zeg liever bewondering of afgunst.
Een ander probleem van alle goede sport is de afgunst.
Zonder rancune of afgunst.
Haar miserabel leven staat in dienst van hebzucht en afgunst.
Je bewondering of je afgunst.
Haat, verlangen, afgunst.
Hun emoties. Inhaligheid, afgunst of wraakzucht.
Al die afgunst loopt zo uit je kut.
Afgunst ook; de angst dat anderen beter af zijn dan jijzelf.
Er bestaat al genoeg afgunst op veel andere vlakken.
Afgunst om uw inkomen aan te vullen?
Ijdelheid woede afgunst lust luiheid hebzucht.
Afgunst eet je eigen hart op.
Ijdelheid woede afgunst lust luiheid hebzucht.
Ijdelheid woede afgunst lust luiheid hebzucht.
Nee. Afgunst misschien? Tig?
Nee. Afgunst misschien? Tig?